Leerhuis Jichoed |  Joodse wijsheid op de Weg van je Bestemming

 

'Henoch was een schoenlapper. Met elke steek van zijn els, waarmee hij het bovenleer en de zool van de schoen aan elkaar naaide, verbond hij de hogere en de lagere wereld met elkaar…En bij elke steek zei hij: ’Gezegend is Zijn glorierijke Koninkrijk voor eeuwig en altijd.´ Yitzhak Buxbaum ´Jewish Spiritual Practices', blz. 54. Henoch vertegenwoordigt de menselijke mogelijkheid [en opdracht] om Hemel en aarde te verbinden. Die verbinding heet: jichoed.

 

 

Het wonder van de Hebreeuwse taal.

 

Het openen van Uw woorden verspreidt licht…’ Psalm 119:130

Het Bijbels Hebreeuws is in de ogen van de Joodse traditie Lashon HaKodesh, heilige taal en vormt een levende verbinding tussen de hemel en de aarde. In deze verbinding nemen Hebreeuwse grondwoorden een centrale plaats in. Grondwoorden zijn Torah-begrippen, die in de Joodse religiositeit en spiritualiteit een scheppende en richtinggevende functie vervullen. Ze wijzen de weg naar een kwaliteit van leven, waarin het tov van de schepping – ‘en zie: hoe goed’ – tot verwerkelijking kan komen en het echad van de ENE -Zijn Eenheid- op verborgen wijze aan het licht kan treden. De grondwoorden scheppen een vruchtbaar klimaat, waarin en waardoor elk mens kan uitbloeien tot de waarheid van haar/zijn wezen.

 

Onder de oppervlakte van de directe betekenissen van de woorden gaat een bijzondere diepte aan verborgen betekenis en zeggingskracht schuil. Om die dieptedimensie te ontsluiten en die verborgen rijkdommen op het spoor te komen, maken we in de cursussen gebruik van een meervoudige benadering:
Eerst bestuderen we het grondwoord vanuit de woordenboekbetekenissen; dit levert vaak al een bijzonder rijk en gelaagd betekenisveld op. Vervolgens onderzoeken we het grondwoord in verschillende, steeds ruimere contexten: de directe taalkundige context en verwantschap met andere werkwoorden, de literaire context, waarin het woord voor de eerste keer voorkomt. Vervolgens starten we een proces van intertextualiteit, waarin we diverse schriftplaatsen met elkaar in gesprek brengen om te ontdekken hoe dit ons inzicht in het grondwoord kan verdiepen. Dit directe proces van betekenisonthulling en betekenisverlening wordt ook wel charoeziem genoemd: parels rijgen in naam van de Hemel. We luisteren hierbij aandachtig naar de vele vaak verassende en uiterst creatieve commentaren uit de Joodse traditie.

 

De zeventig gezichten van de Torah.

 

Rabbi Ismael leerde: “Elk woord dat uitgaat van de mond van de Heilige-geprezen-zij-Hij verdeelt zich in zeventig talen.”  bShabbat 88b

De rijkdom aan perspectieven, die als dieptedimensie onder de oppervlakte van de tekst verborgen ligt, onderwijst ons dat we woorden van Torah nooit op mogen sluiten in één betekenis. Hierdoor wordt het levende spreken van de Torah verhinderd en juist dit levende spreken is wat in de Joodse traditie centraal staat en wat we zoeken in onze cursussen. Met betrekking tot de  nooit eindigende zoektocht naar verborgen betekenissen  leerde de school van Rabbi Ismael: ‘En als een hamer op de rots die versplintert’ (Jeremia 23:29). Zoals de rots in vele stukken versplintert, zo kan één bijbelvers vele argumenten bevatten.” bSanhedrin 34a. De permanente zoekbeweging wordt darash genoemd. Het werkwoord d-r-sh betekent: 'zoeken, doorzoeken, onderzoeken | 'vragen, doorvragen, ondervragen'| 'het raadplegen van de tekst in het licht van de eigen levensvragen''.
Het paradigma van de zeventig gezichten' onderwijst verder, dat alle volkeren en talen kunnen deel hebben aan de interpretatie van Torah en iets van de alomvattendheid van Torah zichtbaar kunnen maken. Elk individu heeft een eigen relatie met Torah en kan ‘gezichten’ onthullen, die nog niet bekend zijn en die voor de eigen Weg  van Bestemming gezaghebbend en richtinggevend zijn.

 

De Torah als heilige ontmoetingsruimte.

‘We moeten leren door te dringen in het innerlijk leven van de woorden, die ons gebedenboek vullen.’ ‘Het is niet genoeg het Hebreeuws in het Engels te kunnen vertalen. Het is niet genoeg een woord in het woordenboek te kunnen opzoeken en de vorm met veel moeite te kunnen terugvinden in de grammatica. Woorden hebben een ziel. Woorden leven en dat leven moeten we leren verstaan.’ Abraham Heschel, ‘In het Licht van Zijn Aangezicht’

Woorden van Torah zijn als een heilige ruimte, waarin de naar wijsheid zoekende mens wordt uitgenodigd binnen te treden. Om het verborgen licht van de grondwoorden te ontmoeten en de bezielende kracht ervan te leren verstaan besteden we in de cursus ook steeds aandacht aan een bijzondere vorm van Bijbelse ontvankelijkheid. Deze grondhouding van ‘open, aandachtig luisterend aanwezig zijn met het hart gericht op de hemel’ wordt door Salomo uitgedrukt met de woorden: lev shomea, ‘een hart dat horende is.’ Wie de tekst zo luisterend tegemoet treedt zegt hineni: 'Hier ben ik, 'ik wil ontvankelijk zijn voor het Oneindige Geheim van de Aanspraak van Hashem en verantwoordelijkheid nemen om die Aanspraak in mijn eigen leven te behoeden, te dienen en te doen bloeien. In de woorden van de Sfas Emes: ‘Wees altijd gereed om te luisteren…’